20 JULI

UIT HET BOEK GENESIS
In die dagen verscheen de Heer aan Abraham bij de eik van Mamre.
Op het heetst van de dag zat hij bij de ingang van zijn tent.
Toen hij zijn ogen opsloeg, zag hij plotseling drie mannen voor zich staan.
Meteen liep hij naar hen toe. Hij boog diep en zei: 
‘Wees zo vriendelijk, uw dienaar niet voorbij te gaan.
Ik zal water laten brengen; was uw voeten en rust hier onder de boom.
Ik zal brood voor u halen om u te sterken voor uw verdere reis.’
Abraham liep snel naar Sara en zei:
‘Neem drie maten meel en bak er koeken van.’
Daarna liep Abraham naar de kudde,
zocht een lekker mals kalf uit en gaf het aan zijn knecht
om het klaar te maken.
Toen bracht hij hun kaas en melk,
en het kalf dat hij had laten toebereiden, en zette hun dat alles voor.
Toen vroegen ze hem: ‘Waar is Sara, uw vrouw?’
Abraham antwoordde: ‘Daar in de tent.’
Toen zei de bezoeker: ‘Over een jaar kom Ik weer bij u terug;
dan zal Sara, uw vrouw, een zoon hebben.’
Sara stond te luisteren bij de ingang van de tent, achter hem. 
Sara ging het niet meer naar de wijze van de vrouwen. 
Daarom moest Sara bij zichzelf lachen.
Maar de Heer zei tot Abraham: ‘Waarom lacht Sara?
Is er voor de Heer dan iets te moeilijk? Over een jaar kom Ik bij u terug, 
en dan zal Sara een zoon hebben.’ Toen zei Sara: 
‘Ik heb niet gelachen,’ want zij was bang geworden. 
Maar Hij zei: `Jawel, je hebt wel gelachen!' 
 
VOORBEDE
Laten wij bidden voor alle mensen die op reis zijn,
dat zij de genade van de gastvrijheid 
als een weldaad mogen ervaren... Laat ons bidden...
 
Laten wij bidden voor vluchtelingen,
voor hun kinderen die getuigen zijn geweest van wreedheden;
dat wij hen gastvrij ontvangen... Laat ons bidden...
 
Laten wij bidden voor mannen en vrouwen die verlangen naar en kind
maar aan wie het niet gegeven is;
dat hun liefde toch aan onze wereld ten goed komt... Laat ons bidden...
 
Laten wij bidden voor alle vrouwen die Jezus’ leerling willen zijn;
dat zij, als Maria, daar alle mogelijkheden voor krijgen... Laat ons bidden....
 
Goede God, doordring ons van het besef
dat wij allemaal zijn aangewezen op de liefde van anderen.
Wij kunnen niet zonder hun gastvrijheid, zonder hun goede zorgen.
Laat ons daarom de liefde hoog in het vaandel schrijven,
dat vragen wij U door Christus onze Heer, amen.