De genoemde datums laten het moment van publicatie zien, 
De datum waarop de preek gehouden is ligt gewoonlijk een week later

EERSTE ZONDAG IN DE 40-DAGENTIJD
© Harrie Brouwers, Voerendaal 2001

DAT IS ZONDE!

EVA EN DE SEX
Men heeft in de geschiedenis wat geworsteld met het verhaal over Adam en Eva! Men vermoedde wel dat het eten van de vrucht een symbool was van sexualiteit. Waarom anders zouden de twee na afloop lendenschorten maken en waarom zou Eva straks gestraft worden met barensweeën? Dit vermoeden maakte het eerste echtpaar geschikt voor bruiloftsliederen en -grappen. Deze uitleg bevestigde echter ook het beeld van de vrouw als verleidster, als degene die een rechtschapen man van zijn stuk brengt.
Deze primitieve kijk op de vrouw veroorzaakte een primitieve kijk op het bijbelverhaal, In werkelijkheid gaat het Adam-en-Eva-verhaal niet over de zonde van de vrouw die de man meesleurt, maar over de zonde van de mens tegen God. Dat de vrouw een hoofdrol speelt komt niet omdat zij zo slecht is, maar omdat zij in oude tijden de eerste viool speelde. Het verhaal stamt uit de tijd dat de vrouw de deur open deed. Zij verzorgde de contacten. De man volgde haar.

DE MENS IN BEGINSEL
Daar komt bij dat de middeleeuwer Adam en Eva was gaan beschouwen als de eerste mensen, maar zo hadden de Hebreeën het niet bedoeld. Het verhaal gaat over dè mens, over iedereen. Dat betekent Adam: de mens. Het is een verhaal over Elkerlyck, over de heer Alleman, over Jan Modaal. Het is een filosofie over het wezen van de mens, geprojecteerd in die eerste, want wat die eerste had, dat hebben we allemaal. Het verhaal gaat dus over een zondigheid die in ons allemaal aanwezig is, omdat ze zo aan ons kleeft.
De mens in den beginnen is voor de Jood de mens in beginsel. Hij had er dan ook niet de minste problemen mee dat er nog een ander scheppingsverhaal in de bijbel stond. Dat stoorde niet want het verhaal was theologie en geen geschiedenis.
Het verhaal gaat dus over mannen en vrouwen, over ons, over hoe we blootstaan aan de verleiding van het kwaad. Dat kwaad wordt heel psychologisch beschreven. Het komt als een vleier. Het toont meeleven en compassie. ‘Wat heb ik gehoord? Mag je van geen enkele boom eten?’ Met die bewuste leugen wordt een voet tussen de deur gezet. Had de slang gezegd: ‘Mag je van de ene boom niet eten?’ Dan had de mens wellicht gezegd: ‘Nee, dat mag ik niet.’ En hij had de deur gesloten. Maar nu wil hij voor God opkomen. ‘Jawel, hoor, zo erg is het niet. Ik mag van alle bomen eten, alleen niet van die ene.’ Ineens staat die ene boom midden in zijn belangstelling. Hij ervaart de aantrekkingskracht van het verbodene. Het lijkt alsof de boom met de minuut mooier wordt en de vruchten verleidelijker. ‘Logisch dat God die verbiedt’, zegt de slang, ‘want het zou zijn macht aantasten; als je van die vruchten eet, dan wordt je net als God.’
Zo komt het kwaad ons leven binnen. Als een tweespraak die het geweten sust en een egoïstisch verlangen versterkt.

ZONDE, ZONDE, ERFZONDE
En wat is het kwaad? Het kwaad zijn de immense sloppenwijken op deze aarde met mensen die geen toekomst en nauwelijks leven hebben. Het kwaad zijn de kinderen die zonder liefde opgroeien. Het kwaad zijn de kampen waarin miljoenen mensen wegkwijnen. Het kwaad is de vernietiging van dieren en planten. Het kwaad zijn de wapens en vernietigingstuig. Het kwaad is het geweld in straten en huizen. Het kwaad is de eenzaamheid of de kwaadsprekerij waarvan mensen het slachtoffer worden. We kunnen er niet aan ontkomen. We zijn geboren in een wereld waarin het kwaad bestaat en we hebben er part en deel aan. We hebben onbewust en in het spoor van ouders en grootouders keuzes gemaakt waardoor wij een onrechtmatig deel bezitten ten koste van anderen, zonder een weg terug te zien. We zijn medeplichtig aan deze wereld. Laten we het kwaad althans niet goed noemen. Dat is de erfzonde.
De verleiding van het kwaad heeft Jezus ook aan den lijve ervaren. De verleiding van de macht, van de consumptie, van de eer. Ook dat is beschreven in de vorm van een tweespraak, waarbij de verleider zich bedient van bijbelpassages. Er zijn zoveel goede redenen te bedenken om het kwade te doen.
Dit is de opdracht voor de 40dagentijd: ons afvragen: hoe kunnen we het kwaad terugdrijven?

SMOESJES
Lieve kinderen. Mijn broer was heel erg goed in ‘smoesjes maken’. Een keer had ie mijn trui op de kleerkast gegooid. ‘Hoe komt die trui op de kast?’ vroeg mijn vader streng. Mijn broer keek even naar het plafond en zei toen ‘Die is er op gewaaid!’ De wenkbrauwen van mijn vader begonnen te trillen. Dat was een goed teken. Dan moest hij zijn lachen inhouden. ‘Het waait toch niet in de kamer!’ klonk het bars. ‘Jawel’, ging mijn broer verder, ‘het bovenlichtje stond open’.
Daan had de fiets van Joris omgegooid en nou stond het stuur scheef en de jasbeschermer was gescheurd. Maar Daan had er wel duizend smoesjes voor. Ten eerste had Joris vorig jaar april zijn zusje omgegooid en ten tweede waren de jasbeschermers al oud en versleten en ten derde was het goed voor het stuur om eens verdraaid te worden, goed tegen de roest, ten vierde had de fiets ook niet goed op de standaard gestaan en ten vijfde had hij het hoogstwaarschinnlijk niet met opzet gedaan..
Ook grote mensen zijn er knap in om foute dingen goed te praten. Maar wat fout is is fout. Het is zonde dat er diersoorten verdwijnen, het is zonde dat mensen honger lijden. Daar moet je wat aan doen. In de vastenactie krijg je er de kans voor!