De genoemde datums laten het moment van publicatie zien, 
De datum waarop de preek gehouden is ligt gewoonlijk een week later

ACHTENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR 2002
© Harrie Brouwers, Voerendaal 2002

EEN GEK VERHAAL

Prins Claus heeft veel gepresteerd door zijn humor, eenvoud, intelligentie en betrokkenheid. Maar de betekenis van een mens gaat verder dan zijn verdiensten. Claus heeft vooral aan alle helden in Nederland die lijden onder een depressie koninklijke erkenning gegeven.
Hij leerde ook dat we te snel ons oordeel klaar hebben.


OPNIEUW LUISTEREN
Soms hoor je een gesprekje tussen echtelieden wier huwelijk totaal is uitgeblust. Je voelt dat ze elkaar alleen nog maar dulden. De een laat de ander niet uitpraten. Ze reageren met vaste cliché’s. Als de een zegt: ‘Waar is de krant?’, zegt de ander zonder op te kijken: ‘Ik ben je dienstmeisje niet!’ Maar de laatste jaren vraagt hij al niet meer ‘Waar is de krant?’, bang voor het bekende antwoord.
Zo’n verhouding bestaat ook tussen ons, kerkgangers, en de bekende evangelies.
‘In die tijd zei Jezus tot de oudsten van het volk....’ De woorden gaan over ons heen. We luisteren niet echt.
Maar hoor nou eens opnieuw dat gekke verhaal van vandaag. Doe eens alsof u het nooit eerder hebt gehoord.

TELEURGESTELDE GOD
Jezus wil de priesters iets duidelijk maken. Als hij ze frontaal aanvalt, zullen ze boos worden en niet luisteren. Daarom zegt Jezus niet: ‘Slechte priesters zijn jullie; al eeuwen wijzen jullie God de deur!’ Nee, Jezus begint met een verhaal. ‘Een koning gaf een bruiloftsfeest voor zijn zoon.’ Dit moet de priesters als muziek in de oren hebben geklonken. Het Rijk van God lijkt op een bruiloftsfeest. Dat is hun taal! De koning nodigt zijn gasten uit. Goed verhaal! De dienaars gaan naar de gasten toe en zeggen: ‘De koning verwacht u.’
Maar nu wordt het verhaal gek. Er gebeurt iets dat niet in de lijn van de gewekte verwachtingen ligt. De gasten zijn niet blij. Ze gaan zich niet netjes omkleden. Ze zoeken niet een zo nieuw mogelijk briefje van 50 euro om in een envelopje te stoppen. Nee, de gasten hebben geen zin. Ze komen niet. Niemand komt!

BIZARRE WERKELIJKHEID
Meestal dient een verhaal om een complexe werkelijkheid helder te maken. Bijvoorbeeld. Als je niet begrijpt waarom God ook je vijand liefheeft, stel je dan een herder voor met honderd schapen. Als er eentje zoek is, laat de herder die 99 alleen om de puber te zoeken.
Maar soms dient een vergelijking niet om iets duidelijk te maken maar om aan te tonen hoe absurd de werkelijkheid is.
De werkelijkheid waarin we leven is bizar. Bijvoorbeeld. De werkelijkheid is dat er voedsel is voor alle mensen en dat iedereen vindt dat dit voedsel eerlijk verdeeld moet worden. Maar terwijl iedereen dat vindt gebeurt het tegendeel. Zo gek is de werkelijkheid. Gods gerechtigheid is begeerd en tegelijk ver te zoeken. Je wordt door de koningin uitgenodigd op een galadiner maar je meld je af. En niet alleen jij, maar iedereen,

IEDEREEN WORDT UITVERKOREN
Je kunt je de teleurstelling van de koning voorstellen. Allicht hebt u zelf wel eens mensen uitgenodigd. 3 Vlaaien, 20 broodjes, 3 kratten bier en 12 flessen wijn, want je wilt in geen geval te weinig hebben. En dan houd je 2 vlaaien over, 2,5 krat en 18 broodjes. En tegen iedereen maar zeggen dat het leuk was maar dat het erg hard regende en dat de griep heerste.
De koning is een volhouder. Het verhaal van Jezus blijft gek. Wij zouden al lang wat depressief op de bank zijn gaan liggen. Maar God geeft niet op. De schepping is hem te belangrijk. God gaat door. Hij stuurt opnieuw slaven naar de gasten. ‘Toe, kom nou.’ Het is bijna zeuren. ‘De ossen zijn geslacht, de wijn staat klaar.’ Maar ook deze verleiding helpt niet. De gasten weigeren. Gek verhaal. Dan komt de clou. De koning geeft bevel dat niet de genodigden, maar iedereen welkom is. ‘Haal ze maar van de straat. Iedereen hoort erbij.’
De priesters kunnen dit in hun zak steken. Zij praten over God die zijn volk liefheeft. Maar de uitverkorenen hebben het laten afweten. Nu is God boos en Hij nodigt iedereen uit, Samaritanen, tollenaars en melaatsen. Jezus’ volgelingen begrijpen dat en voegen eraan toe: Grieken, Parten en Elamieten, Belgen en Irakezen.

ER WORDT IETS VERWACHT
En nu we toch een gek verhaal aan het vertellen zijn, nu herinnert Mattheus zich nog een andere parabel. Die ging over bruiloftskleren. Want iedereen mag dan zijn uitgenodigd, dat wil nog niet zeggen dat er niets van je verwacht wordt. Er wordt veel van je verwacht!
Beste mensen, u en ik zijn uitgenodigd. God vraagt ons om te bouwen aan zijn Vredesrijk. Hij vraagt ons dringend; velen lieten afweten. Hij vraagt ons om wegen te zoeken brood, water en medicijnen te delen. Hij vraagt ons om barmhartig met elkaar om te gaan, om de schepping te eerbiedigen. Hij vraagt ons te proberen heilig te leven.

THEO'S FEESTJE
Lieve kinderen. ‘Weet je al wie je op je verjaardagspartijtje uitnodigt? Het wordt de hoogste tijd!’. Moeder keek Theo vragend aan. Theo begon te tellen op zijn vingers. Ik vraag Kees, dat is de grootste jongen van de klas. En Daan, die moet altijd het voetbalelftal kiezen. En Maurice. Maurice heeft een rijke vader dus die brengt een groot cadeau mee. Dat laatste dacht Theo alleen maar; hij zei het niet hardop.
Die avond maakte hij met pappa vrolijke uitnodigingen op de computer.
Direct daarna kwam al een telefoontje van Maurice, hij moest naar een ander feestje. Daan zei op de speelplaats dat ie moest voetballen en Kees liet helemaal niets weten, die was er gewoon niet. Daar stond de verjaardagstaart treurig te stralen en de vlaggetjes hingen bedroefd aan de slinger. Moeder pakte gauw de telefoon. Ze belde Marga op met de beugel, en kleine Pimmetje die zo grappig stotterde. Ze belde Peter op die altijd als laatste bij het voetbal werd gekozen en binnen een halfuurtje zat de kamer vol en was het een vrolijke boel.
Zo’n verhaaltje vertelde Jezus. Want op het feestje van God is iedereen welkom.